De Heikikker: Het Blauwe Wonder van het Nederlandse Voorjaar
Wanneer de eerste warme zonnestralen in het vroege voorjaar de aarde opwarmen, voltrekt zich in de Nederlandse vennen en veengebieden een opmerkelijk fenomeen. De onopvallende heikikker (Rana arvalis) verandert voor heel even in een felblauwe verschijning. Dit 'smurfenblauwe' spektakel is een van de best bewaarde geheimen van onze inheemse natuur, maar trekt jaarlijks vele natuurliefhebbers en fotografen.
Waarom worden ze blauw?
Het zijn uitsluitend de mannetjes die blauw kleuren. Dit doen ze tijdens de paartijd, die vaak al in maart of begin april begint. De kleurverandering heeft een hele praktische reden:
Herkenning in de chaos: De paartijd van heikikkers is kort en massaal. Tientallen tot honderden kikkers verzamelen zich tegelijk in hetzelfde ondiepe water. In de drang om te paren, springen mannetjes overal bovenop. Doordat de mannetjes felblauw kleuren, weten ze direct dat ze een concurrent voor zich hebben in plaats van een vrouwtje (die gewoon bruin blijven). Dit voorkomt verspilde energie aan paringspogingen met andere mannetjes.
Fysiologie: De blauwe kleur ontstaat doordat er zich in de paartijd lymfevocht ophoopt onder de huid van het mannetje. Zodra de drang om te paren afneemt, trekt het vocht weg en keert de normale schutkleur terug.
[ PLAATS HIER JE FOTO: Een felblauw heikikkermannetje in het water ] Tijdens de korte paartijd kleuren de mannetjes prachtig blauw om zich te onderscheiden van de vrouwtjes.
Hoe lang blijven ze blauw?
De blauwe kleur is extreem kortstondig. Meestal duurt het hoogtepunt van de paartijd per locatie slechts twee tot vijf dagen. Alles hangt af van het weer: zodra de temperatuur na de winter plotseling flink oploopt (vaak rond de 10 tot 15 graden Celsius), ontwaken ze massaal en barst het feest los. Het zachte, klokkende geluid dat de mannetjes maken klinkt dan alsof er luchtbellen ontsnappen uit een onder water gehouden fles. Na dit korte hoogtepunt verdwijnen de mannetjes snel weer uit het water en vervaagt hun blauwe kleur.
Hoe ziet een heikikker er normaal uit?
Buiten deze paar dagen in het voorjaar is de heikikker een meester in camouflage. Hij lijkt best veel op de algemenere bruine kikker, maar heeft een aantal specifieke kenmerken:
Formaat: Het is een middelgrote kikker, tot maximaal 8 centimeter groot. Hij is wat eleganter en minder plomp gebouwd dan de bruine kikker.
Kleur en tekening: Ze variëren van geelbruin tot rood- of groenbruin. Heel herkenbaar is de brede, lichte lengtestreep die bij veel (maar niet alle) heikikkers over het midden van de rug loopt.
Kop: Ze hebben een opvallend spitse snuit en een donker "masker" (een vlek) dat vanaf het oog over het trommelvlies naar achteren loopt.
Buik: De keel en buik zijn wit of crèmekleurig en in tegenstelling tot de bruine kikker vrijwel ongevlekt.
[ PLAATS HIER JE FOTO: Een heikikker in zijn normale, bruine schutkleur (bij voorkeur met de lichte rugstreep zichtbaar) ] Buiten de paartijd is de heikikker uitstekend gecamoufleerd en valt hij nauwelijks op tussen de dode bladeren en grassen.
Waar komen ze voor en hoeveel zijn het er?
De heikikker stelt vrij specifieke eisen aan zijn leefgebied. Ze houden van drassige omgevingen met ondiep, stilstaand en vaak wat zuur en voedselarm water. Je vindt ze in hoog- en laagveengebieden, vochtige heidevelden met vennen en beekdalen. Ze komen in alle Nederlandse provincies voor, met uitzondering van Flevoland.
Een exact landelijk aantal heikikkers is erg lastig vast te stellen, omdat ze zo verborgen leven. Wel is bekend dat het om vele tienduizenden exemplaren gaat. Hoewel de heikikker de status 'Thans niet bedreigd' heeft op de Rode Lijst, blijft de soort wel kwetsbaar. Ze hebben namelijk sterk te lijden onder langdurige droogte in het voorjaar en de zomer, waardoor vennen opdrogen en de voortplanting mislukt.
Zelf de blauwe heikikker spotten en fotograferen
Wil je dit fenomeen zelf met eigen ogen zien en vastleggen? Dan is timing cruciaal. Houd eind februari en begin maart de weerberichten in de gaten. De eerste zonnige, windstille dagen met temperaturen boven de 10 graden zijn hét moment.
Toplocaties in Nederland:
Nationaal Park Dwingelderveld (Drenthe): Dit natte heidegebied zit vol met vennen waar grote populaties leven. Vooral rondom het Smitsveen maak je goede kans.
Fochteloërveen (Drenthe/Friesland): Een van de weinige en best bewaarde hoogveengebieden in Nederland, een ideaal leefgebied voor de heikikker.
Kampina en Oisterwijkse Bossen en Vennen (Noord-Brabant): De vele ondiepe vennen in deze natuurgebieden warmen in het voorjaar snel op, wat de kikkers activeert.
Hatertse en Overasseltse Vennen (Gelderland): Een prachtig vennengebied ten zuidwesten van Nijmegen waar het klokkende geluid in het voorjaar volop te horen is.
Tips voor natuurfotografen:
Gebruik je oren: Je hoort de kikkers vaak voordat je ze ziet. Luister naar het zachte "blub-blub-blub" geluid (als een zinkende fles).
Blijf op de paden: Dit is de allerbelangrijkste regel. De oevers van vennen zijn kwetsbaar en vaak broeden er ook al vogels. Verstoor de natuur niet voor een foto.
Gebruik een telelens: Omdat je op de paden of vlonders moet blijven, zitten de kikkers vaak een paar meter bij je vandaan. Een lens van 300mm tot 600mm is ideaal om ze toch beeldvullend te fotograferen.
Laag standpunt: Probeer vanaf het pad zo laag mogelijk te gaan zitten of liggen (gebruik een vuilniszak of picknickkleedje). Fotograferen op ooghoogte van de kikker zorgt voor de mooiste, meest intieme beelden met een zachte achtergrond (bokeh).

Dit vind je misschien ook leuk

Back to Top